Cambodia, de volgende “stop”

“Cambodia here I come”. 28 december 2018 was het dan zover. Om 06.00 uur op de vliegveld voor mijn vlucht van 08.00 uur. Stond eerst in de verkeerde rij, maar uiteindelijk zonder al teveel problemen de formaliteiten afgehandeld.

Het eerste deel van de vlucht naar Cambodia werd uitgevoerd door JetAir, met recht een prijsvechter. Als haringen. En ik zat helaas in de middelste van de 3 stoelen. Grrrr……. Gelukkig, de gangpadpassagier was ongelukkig met zijn plek en maakte ruimte zodat Charles – een Amerikaanse ingenieur die in Thailand woont/werkt – en ik wat meer ruimte hadden. Heerlijk, want beiden passen we niet in maatje “S” :).

Tweede deel van de reis naar Cambodia was met Bangkok Air. Volgens mij de KLM van Azië. Ruime stoelen en alles goed geregeld. Bagage was er sneller dan het licht, zodat ik niet echt hoefde te wachten.
Buiten stond de driver me al op te wachten en bracht me rap naar mijn hotel, V-Hotel in Pnom Penh. (Hoofdstad Cambodia)
Alles bij elkaar toch bijna een hele dag onderweg geweest.

Ik had me voorgenomen veel te lopen tijdens mijn verblijf in Cambodia. Zo gezegd …..
In India heb ik veel gebruik gemaakt van TukTuks, al dan niet via UBER besteld. Helaas is er geen UBER in Cambodia.
Het alternatief is GRAB. Systematiek is hetzelfde, maar hier heb je de mogelijkheid om af te rekenen met je credit card. In de app voer je de gegevens van je CC in en klaar is kees. Niks meer afrekenen bij de driver. Wordt vanzelf afgeschreven en je krijgt ook onmiddellijk een nota van de afschrijving. TOP geregeld.

Phnom Penh

28 december 2018
Zeven dagen in Phnom Penh waren mij te lang. Maar ik heb me toch vermaakt en het een en ander bezocht. Kort samengevat:
1. Night Market. Start zo’n beetje om 17.00 uur en gaat door tot middernacht. Voor “weinig” kun je daar terecht voor kleding, nephorloges en ander namaakspul.
Maar ook voor het diner. Aan één kant van de markt staan allerlei stalletjes waar de meest lekkere dingen staan uitgestald. Eenmaal besteld kun je op het pleintje daarvoor je maaltijd nuttigen. Heel gezellig. Ik had gewoon een stoeltje, want mijn fysiek staat niet toe dat ik opgevouwen (kleermakerzit) lekker kan eten.

2. Het Koninklijk Paleis. Mooi om te zien, maar ik mocht niet naar binnen.
3. Het nationaal museum. Relaxt en er zijn mooie beelden te zien. Hoewel, “echt” aan mij besteed? 🙂
4. Aeon Mall. Een enorm winkelcentrum waar van alles te koop is, tot aan auto’s aan toe. Je kunt er eten, je boodschappen doen in de supermarkt, naar de bioscoop, de drogist ….. noem maar op. (By the way: de naam heeft volgens niks van doen met de ons bekende verzekeringsmaatschappij)
5. Gevangenis 21. Ik ga hier kort over zijn. De verhalen uit de Khmer tijd, te gruwelijk. Wat bezielt mensen dat ze elkaar dit soort dingen aan kunnen doen. Zelfs als het je eigen familie betreft.

Siem Reap

5 januari 2019.
Het is maar 🙂 6 uur met de bus. Patrick zat naast me. Een Australiër die woont/werkt in Phnom Penh. Hij was onderweg voor zijn werk, ergens halverwege Siem Reap.
Een opsteker: “Waar van de States kom jij vandaan?”, vroeg hij. Het kan natuurlijk zijn dat hij bedoelde dat mijn Engels zo belabberd was – ik zou hem zomaar gelijk geven – dat het gewoonweg niet thuis te brengen is wat ik zeg.
Zelf hou ik het maar op dat het bijna niet van “echt” te onderscheiden is. 🙂 .

Mijn hotel, de Rithy Rine Angkor Residence, was prima. Maar precies aan de rand van het waanzinnig drukke toeristencentrum. De PUB Street, was slechts 1 straat verder. De Night Market, equivalent van die in Phnom Penh, begon ongeveer 15 stappen vanaf mijn hotel.
Allemaal ziet het er reuze gezellig uit, maar een ongelofelijke herrie. Tot in de vroege uurtje.

Op de Night Market – overigens in elke omringende straat zijn er 10 te vinden – kwam ik een tentje tegen waar ik mijn voeten heb laten masseren. Mijn masseuse had een ferme grip en deed het als de beste. Voor zo’n $ 4,- was je een uur van de straat. Je kunt je wel voorstellen dat ik mijn voeten, maar ook mijn rug en nek, meermalen aan haar handen heb toevertrouwd. Heerlijke verwennerij.

Op excursie

Elke regio of stad heeft zo zijn eigen culturele belevenissen. Om te voorkomen dat ik steeds rondjes loop in de zelfde straten of apatisch de hele dag in mijn bed blijf liggen heb ik ook in Siem Reap de Tempeltour gemaakt. Er zijn nl. zat tempels te vinden in Cambodia. (Volgens mij zijn ze hier begonnen met bouwen.)

Op straat word je de hele dag aangesproken om in te stappen in een TukTuk. Ik dus in de onderhandeling met één van die “aanbieders” om met hem de tour te doen. Het begon bij $ 20 . Jaaaa, gekke Henkie. Ik wist het met wat “fysieke dwang” 🙂 te verlagen naar $ 13 . De volgende ochtend zou ik om 10.00 uur gehaald worden.
Maar in het hotel aangekomen sprak ik een andere hotelgast aan die de tempeltour met een tuktuk van het hotel had gemaakt. Zij vertelde $ 15 betaald te hebben voor de hele tour. Ik met mijn enthousiasme en fantastische gesprekstechnieken ging er vanuit dat dit inclusief toegang tot de tempels was. Dus ……. ik toch maar gereserveerd in het hotel. $ 15 . Koopje.

Gefopt. De driver reed linea recta naar het ticketbureau waar ik maar liefst $ 37 mocht aftikken. Maar ……. ik kreeg waar voor mijn geld.
De geplande tempeltour behelst normaal 3 tempels. Nou ….., ik weet niet waar de driver op school heeft gezeten – als hij überhaupt schoolmuren van binnen heeft gezien – maar we zijn maar liefst 7,5 uur op pad geweest. En het waren beslist VEEL MEER dan 3 tempels. Op het laatst heb ik hem toch maar “verboden” naar een andere tempel te rijden.

Battambang

10 januari 2019
Met de VIP-bus naar Battambang. Een redelijk rustig plaatsje in het westen van Cambodia. Aan de “overkant van de rivier” was mijn hotel. Mooie grote kamer met alles er op en er aan. Behalve …… warm water. (zie mijn verhaal op de homepagina).
Heerlijk gegeten aan de waterkant. Elke keer een ander stalletje maar ik wilde ook een keer wat luxer gaan eten bij Jaan Bai – zat vol met Europeanen – maar helaas helemaal volgeboekt. Dus maar weer naar een plaatselijk stalletje.

Het lokale reisbureau, de vertegenwoordiger van Travel Counsollers, informeert regelmatig of het naar wens gaat. Of zij mij nog ergens mee konden helpen. Ik twijfelde al enige tijd om een scooter te huren en zelf “het stuur” in handen te nemen.
Kas – de medewerkster van het reisbureau – ontraadde mij dit ten strengste. Er waren veel problemen en ongelukken met toeristen. En verzekeren van een scooter kennen ze daar niet. Dus droop ik maar af.

Toch maar voor “slechts” $ 48, alles inbegrepen trouwens, de Battambang Tour gedaan. Even voor 8 uur werd ik opgehaald door een vriendelijk lachende, maar gelukkig goed Engels sprekende, driver. Up we go.

Tot hier ging het goed. Je valt weliswaar van de ene verbazing in de andere als het gaat om werkomstandigheden en hygiëne. Maar ach, niet teveel verwachten in Azië, en zeker niet in Cambodia. Daar kennen ze het woord “schoonmaken” – met name straten – niet. De beelden zitten wel op mijn netvlies wanneer ik bijvoorbeeld rijstnoodles in een Cambodiaans restaurant wil bestellen.

Ik weet dat ik beloofd heb weinig tot geen tempels meer te laten zien. Maar toch, deze moet gewoon even.
Tijdens onze rit stopte de driver bij een klein tempeltje. Ga even kijken, dan zie je wat van de geschiedenis van deze omgeving. Van Battambang.
Nou, kijk zelf maar. Ik werd er in ieder geval niet echt vrolijk van.

Laatste stop in Battambang

Na onze ochtendtrip vond de driver het beter als we een pauze zouden inlassen. Tukje van 1 – 3 uur, daarin zijn ze hier ook erg bedreven in. Eerder had volgens de driver toch geen zin, want de batcaves werden pas rond 17.30 uur interessant. Tuurlijk, wist ik veel waar het over ging !

Bij de batcaves aangekomen – reuze gezellig daar allemaal – met, Azië-gebruikelijk, een heleboel tentjes met “toeristenrommel” en natuurlijk eten en drinken. Ik zag een trap, HEEL HOOG. IK dacht: echnie :).
De driver vroeg of ik via de trap naar boven wilde of via de weg. De trap snapte ik wel, maar WEER NIET doorvragen wat “de weg” betekende. Mijn invulling: “stap in de TukTuk en ik word naar boven gebracht. Dan kijk ik van daaruit wel wat er te zien is”.

Je gaat zomaar de mist in

Weer mis, want ik werd keurig naar het begin van een stijl oplopende weg gebracht en kreeg te horen dat ik in ieder geval om 17.30 weer beneden moest zijn. Enthousiast begon ik aan de wandel. Het ging maar omhoog en omhoog. Voor mijn gevoel, tot dicht bij de wolken. Vermoedelijk ben ik 50 liter water verloren en diverse hartrimtestoornissen vielen mij ten deel. Ik was KAPOT. Maar….. toch ik had het gehaald en heb het één en ander gezien.

Ik blijf me maar steeds weer verbazen over de wreedheden die zich in Cambodia hebben afgespeeld.
De driver vertelde dat er zelfs mensen waren die familieleden, waaronder hun moeder, martelden en vermoorden om zelf in leven te kunnen blijven of een betere positie bij de Khmer Rouge te kunnen bemachtigen. Vreselijk.

Ik heb het gered

Uiteindelijk ben ik boven gekomen. Prachtig uitzicht en ….. een tempel. Ik was te moe om hier plaatsjes van te schieten. Mijn enige zorg was, hoe kom ik ongeschonden beneden.
Nou, heel simpel, via die trap ik probeerde te vermijden. Het deel dat ik beneden had gezien was nog geen kwart van het totaal. Pfffff.
En, van die treden waar je elk moment je nek kunt breken en 200 treden naar beneden kukkelt. En niet overal een houvast.
Nou ja, ik heb het uiteindelijk gered. Trots op mezelf en VRESELIJK KAPOT. Beneden aangekomen, een lachende driver. Ik kon hem wat. We zijn bij een tentje gaan zitten en er was bij mij nauwelijks nog beweging in te krijgen. En toen kwam het. 17.45 uur, de hele straat was volgelopen en alle stoelen langs de weg waren strak bezet, ging de Batcave “open”.

Over de vorm wil ik niks kwijt, maar van de driver hoorde ik dat er duizenden vleermuizen in zaten. Om klokslag 18.00 uur kwamen ze naar buiten. Het zou maar liefst een uur duren voor de vleermuizen er allemaal uit zouden zijn. Het zal er ongetwijfeld warm en vochtig zijn.

In het hotel ben ik even op adem gekomen en toen toch maar weer, na een uitgebreide douche – er was alweer warm water – , aan de wandel naar een streetfood tentje.

Kampot

13 januari 2019
Om 6.45 uur sharp werd ik opgehaald voor mijn trip naar Kampot. Ergens in Cambodia. Had ik me (nog) niet in verdiept. (bleek in het zuiden te liggen)
Nou, dat was me een trip. Eerst een paar uur rijden naar Phnom Penh. Daar 2,5 uur wachten in het busstation om daarna weer een paar uur te rijden naar de hostel in Kampot.
Tot overmaat van ramp een flat tire. De chauffeur was geblesseerd aan zijn rechterschouder, ik aan mijn linker. Dus we hebben het varkentje maar samen gewassen.

Wat wel apart is, is dat wanneer de chauffeur een lekke band rijdt, hij de reparatie zelf moet betalen. En ze verdienen al zo vreselijk veel :). Zal wel een filosofie achter zitten, maar als je kijkt naar de diverse wegen, is het bijna onmogelijk ongeschonden uit de strijd te komen.

Ontzettend vermoeid kwam ik, voor mijn gevoel in the middle of nowhere, aan in het Karma Traders hostel. Op de bovenetage, de bar en het restaurant, waar een wekelijks feestje aan de gang was. Een en al jongelui, herrie en drank.
Nadat ik een drankje had genomen ben ik maar richting mijn private room, want ik moest echt even bijkomen.

Dat was even tegenvallen. Naast een (lekker) bed stond er een rieten nachttafeltje en een rieten rekje. Verder …….. niets. Ja lampen voor het licht.
Niet wat ik in de weken hiervoor gewend was. Echt schoon was het ook niet. “Konnet”. Een domper dus.
Toch heb ik me er maar overheen gezet en de volgende ochtend fris en fruitig de dag weer tegemoet gegaan. Aan de wandel richting de bewoonde wereld. Ongeveer 15 – 20 minuten lopen.

Kampot is een rustig, vriendelijk stadje. Er is niet al teveel te doen, tenzij je het leuk vindt om in kroegen te hangen. Want die zijn er genoeg, evenals restaurantjes. En het maken van een boottrip over de rivier behoort eveneens tot de mogelijkheden. Allemaal NIET gedaan. Mijn kroegen-gen is slecht ontwikkeld. En boten……. heb ik laten varen.

Wat ik wel gedaan heb is toch maar een scooter gehuurd, via de hostel. Automaat. Voor $ 5 p/d weet je alles. Ik zag zoveel toeristen op een scooter, dus wat zij kunnen …… Een TOP-beslissing. Het geeft heel veel vrijheid.

Ik had de scooter voor 2 dagen gehuurd. Dus ik de eerste dag richting Kep, een dorpje op zo’n 45 minuten rijden. Bekend om haar crab. Daar moest ik natuurlijk heen, maar eerst onderweg andere dingen bekijken, zoals:
1. Secret Lake, een toevluchtsoort in de tijden van de Rode Khmer. Ben er eigenlijk alleen maar langsgereden, want er viel weinig te zien en op dat tijdstip was er “geen hond” in de buurt.

2. Naar de Pepper Road, een peperplantage. Daar kregen we – diverse daar aangekomen toeristen – een gratis rondleiding. Een flesje water was wel 4x zo duur dan elders. Maar ach, we krijgen er toch wat bijzonders voor.
De diverse pepersoorten (zwarte peper, witte peper, Kampotpepper, Longpepper) mochten we proeven. Helemaal puur. Voor mij geen probleem, maar het Italiaanse stel dat naast mij zat had er op enig moment (na de 2e peper) grote moeite mee waardoor ze beiden afhaakten. “Kijken, kijken, maar niet (meer) proeven.

Dag 2 
Ik had een andere scooter gekregen omdat de voorband wat aan de zachte kant was – had ik vooral tijdens mijn safaritocht op dag 1 errug veel last van – , de spiegels een beetje losjes zaten en de motor steeds afsloeg als je het gas losliet.
Balen, want ik had net dag 1 de tank helemaal volgegooid. De scootermeneer was niet voor één gat te vangen en met een fles en een slang werd de benzine van de ene scooter naar de ander overgeheveld. Ik weer blij want de meter gaf aan dat de tank halfvol was. Zat …. dacht ik.

Ik op pad naar het National Park. Uurtje rijden, de bergen in. Driekwart onderweg zag ik tot mijn schrik dat de tank nog maar op 1 streepje stond. Geen (Cambodiaanse) hond te bekennen en zeker geen benzinestation. Op hoop van zegen dan maar.

Of het de moeite waard was? Nou, het zou een waterval moeten voorstellen met heel veel stenen. Maar het was “droge tijd” in Cambodia dus er vielen wat druppels naar beneden, maar dat was het dan toch wel.
Je kon ook langs de waterval naar beneden afdalen, maar met de herinnering aan mijn klimavontuur in Battangbang heb ik toch maar gepast. En bovendien, op mijn leeftijd moet je dit soort grappen en grollen niet meer willen uithalen. De jeugd is aan de beurt.

Uiteindelijk heb ik met knikkende knieën en vele schietgebedjes de afdaling terug naar Kampot kunnen maken. Beneden, bij de ingang van de weg naar het National Park was er gelukkig een benzinestation. Gered.
De rest van de dag nog wat aan het freewheelen geweest en natuurlijk bij een lokaal restaurantje een heerlijk biefstukje gegeten. Duurde wel ff, maar de moeite waard.

Phnom Penh

14 januari 2019
Met de VIP bus terug naar het V-Hotel in Phnom Penh. Bekend terrein. Onderweg, je raadt het nooit : een flat tire. Samen met Norea, een duitse toeriste die naast me zat, hebben we een deel van de kosten van de reparatie – ieder $ 1 ( totale kosten reparatie $ 2,50) – voor onze rekening genomen. Daarmee voorkwamen we dat de driver die dag voor niks had gewerkt. De andere passagiers gaven geen sjoege.

Verwendag

De rest van de dag gevuld met een bezoek aan de pedicure – ze had weer erg veel werk -, naar AEON Mall om tiger prawns te eten en aansluitend naar de Night Market. Allemaal lopend, een behoorlijke tippel.
Voor ik kon aanschuiven voor het diner begon het enorm te plensen. Toch wel bewonderenswaardig als je ziet hoe snel de standhouders het regelen om weer heel snel “in business” te zijn. Met allerlei palen, zeilen en touwen wordt er een “dak” gefabriceerd zodat de verkoop weer gewoon door kan gaan. Heerlijk gegeten.

Einde Cambodia